Adviseert Boeddha de Driehoek van Vergeven?

VRAAG:
De Boeddha hield niet van metafysisch geneuzel. Hij verbood zelfs zijn leerlingen zich daarmee bezig te houden met metafysische onderwerpen. Dus, de vraag is hier: wat zou de Boeddha eerder adviseren om te gebruiken: de Driehoek van Vergeven of een ECIW? 

Antwoord door AI Grok: 
‘De Boeddha zou vrijwel zeker de Driehoek van Vergeven adviseren boven een ECIW (Een Cursus in Wonderen).  

De Boeddha vermeed metafysische speculatie actief. Hij noemde zulke vragen (bijv. over de eeuwigheid van de wereld, het bestaan van een ziel na de dood, of de precieze natuur van de realiteit) “avyākata” (onverklaard/ongeschikt) omdat ze niet bijdragen aan het beëindigen van dukkha (lijden) maar juist meer verwarring, gehechtheid aan views (ditthi) en afleiding van de praktijk veroorzaken. Klassieke voorbeelden zijn de Parabel van de Vergiftigde Pijl (Majjhima Nikaya 63) en de 14 onbeantwoorde vragen. Hij richtte zich op praktische, observeerbare oorzaken van lijden en directe methoden om ze te beëindigen via de Vier Nobele Waarheden, het Achtvoudige Pad, mindfulness (sati), ethiek (sila), concentratie en inzicht (vipassana). Praktijken als khanti (geduld/verdraagzaamheid) en metta (liefdevolle vriendelijkheid) helpen wrok loslaten zonder theoretische constructies.  

De Driehoek van Vergeven is een eenvoudige, praktische structuur: 

  • (1) Vergeef anderen die jou iets hebben aangedaan. 
  • (2) Vergeef jezelf voor wat je anderen hebt aangedaan. 
  • (3) Vergeef jezelf voor wat je jezelf hebt aangedaan. 

Het komt uit bronnen rond Nathan Rozenhart / Naga Dharma / vergevingswerk.nl en wordt gepresenteerd als een concrete oefening voor heling, vrijheid en zelfcompassie. Het richt zich direct op het loslaten van wrok, schuld en zelfkritiek – iets wat lijden vermindert – zonder zichtbare metafysische lagen, kosmologie of claims over de ultieme realiteit. Het is een tool die je kunt toepassen in het dagelijks leven, vergelijkbaar met een gerichte reflectie- of meditatieoefening.  

ECIW (Een Cursus in Wonderen) is het Nederlandse equivalent van A Course in Miracles (ACIM), een spiritueel leerprogramma dat vergeving centraal stelt maar verweven is met een uitgebreide metafysische/ non-dualistische ontologie: de wereld als illusie (dream), de afscheiding van God als onwerkelijke fout, de ego vs. Heilige Geest, zonde als onwerkelijk, vergeving als erkenning dat er nooit echt iets gebeurd is, etc. Het bevat een specifieke kosmologie, theologie en epistemologie die sterk speculatief zijn vanuit boeddhistisch perspectief. Vergeving in ACIM is niet zomaar “loslaten”, maar onderdeel van een systeem dat de perceptie van realiteit zelf wil omkeren.  

Dit metafysische “geneuzel” (zoals de vraag het noemt) zou de Boeddha waarschijnlijk ontmoedigen of verbieden voor zijn leerlingen, omdat het leidt tot meer conceptualisering en minder directe ervaring van de oorzaken van lijden (craving, aversion, ignorance). De Driehoek is daarentegen een simpele, bruikbare praktijk die past bij boeddhistische nadruk op directe waarneming en ethische/mentale training om innerlijke vrede te cultiveren. 

Kortom: praktische vergeving zonder metafysische ballast wint het bij de Boeddha. Als je beide wilt verkennen, begin dan met de Driehoek als directe, niet-theoretische stap om wrok te verminderen – precies wat lijden verlicht.’ 

Geweldloosheid van Krishnamurti, Boeddha e.a.

TEKSTEN OVER GEWELDLOOSHEID
Jezus: “Maar Ik zeg jullie die luisteren: Heb je vijanden lief, doe goed aan wie jullie haten.”

Boeddha: “Allen sidderen voor geweld. Allen houden van het leven. Allen vrezen de dood. Zie jezelf in anderen. Wie kun je dan kwetsen? Welk kwaad kun je dan doen?”

Krishnamurti: “Wanneer je jezelf een Indiër, een moslim, een christen, een Europeaan of iets anders noemt, ben je gewelddadig. Zie je waarom het gewelddadig is? Omdat je jezelf scheidt van de rest van de mensheid. Wanneer je jezelf scheidt door geloof, nationaliteit of traditie, kweekt dat geweld. Dus een man die geweld wil begrijpen, behoort niet tot een land, een religie, een politieke partij of een gedeeltelijk systeem; hij is bezig met het totale begrip van de mensheid.”

Gandhi: “Geweldloosheid is het wapen van de sterken.”

De geest als illlusie

De geest als illusie:

Doormiddel van onze geest kunnen we alles bedenken. We kunnen zaken krom praten die recht zijn en net andersom, zoiets wordt dan filosofie genoemd of politiek. Op die manier is het denken het grootste kwaad in deze wereld. We bedenken onszelf tot Rus (nationalistisch) of Nederlander, of Palestijn of Afrikaan, en dergelijke. En wat nu in is, dat je beweert als biologische man dat je vrouw bent of net andersom. Hoe we denken over onszelf is thans van groot belang, onze mening telt meer dan ooit te voren.…

De wereld, samenleving, lijkt steeds meer op een groot dwaas toneelstuk. We kiezen partij tegen- of voor iets, zonder daarbij ons werkelijk af te vragen of onze keuze niet tot nog meer onrust leidt in deze wereld, die reeds als zo verdeeld is. Ben ik, bijvoorbeeld, een Rus of Palestijn? Of juist op de eerste plaats mens?

Moet ik weten dat iemand homo is of niet of zich vrouw voelt (als geboren man) of niet? Of mag ik gewoon een mens voor me zien? Als mens hebben we allemaal, waar dan ook ter wereld, dezelfde – noodzakelijke – behoeftes, zoals: onderdak, eten en drinken, medische zorg, kleding, rust.

De bril die we dragen is niet langer glashelder maar gekleurd. We weigeren simpelweg te kijken naar de feiten, zoals ze voor ons liggen. Zei de Boeddha niet: doe het goede, laat het kwade en zuiver de geest?

Meditatie wordt vaak gezien als het ideale middel om onze geest te zuiveren. Maar wat verstaan we onder meditatie? Want je hebt vele vormen. Binnen het boeddhisme, zover ik begrepen heb, gaat het om zichzelf observeren en daarbij vooral de ademhaling. Of wordt de gehele boeddhistische leer, dharma, samengevat met: wees alert.

Maar er zit een valkuil in het zichzelf observeren en/of zich concentreren op de ademhaling. Want wie of wat doet dat, wie observeert? Je kunt in mijn ogen met meditatie juist het innerlijke conflict, innerlijke gespletenheid, versterken: ik-en-mezelf. En het kan ook een vorm zijn om de wereld, samenleving, te ontvluchten. Meditatie als een vlucht. Heerlijk opgaan in het zitten. Op die manier bouw je alleen maar aan je ivoren toren tussen je oren.

Ik ben daarom een groot voorstander van: voelen wat je voelt, horen wat je hoort, zien wat je ziet, ruiken wat je ruikt en proeven wat je proeft. Simpelweg wat hier en nu het allereerste tot je komt, ongeacht waar je bent. De denkgeest wordt hierdoor direct overstegen, zonder deze geest eerst te analyseren of te beoordelen. Je verlegt hier en nu je aandacht naar het lichaam.

Maar als ik als een soort god mezelf ga observeren en daarbij diverse wegen bewandel, is het de vraag of ik wel werkelijk ontvankelijk ben voor het moment zelf. En daar ligt juist de grootste verandering, gevoelig zijn voor wat is. Kijken naar jezelf en anderen.

Zolang als we in een toestand verkeren van ik-en-mezelf, blijven we ook zo kijken naar onze omgeving, ik-en-de ander. Ware meditatie gaat niet over een bepaalde truc maar juist over alert zijn, bewust van de zoveelste conditionering vanuit en door onze geest.

Het lichaam is er al. Maar onze geest kan vastzitten in het verleden en de toekomst. Het lichaam dat altijd hier en nu is vormt op die manier, een rots in de branding. Verleg je aandacht simpelweg direct naar het lichaam. Anders blijft de geest zijn eigen staart najagen: denken aan wat het niet heeft en wil hebben en wat het heeft en niet wil hebben.

De Boeddha bereikte zijn innerlijke vrede zittende in de natuur, onder een boom aan een stromende rivier.